Na 19 jaar zijn we dan weer terug in Clamensac, Corrèze, waar we 25 jaar geleden aan ons Frankrijk avontuur begonnen.
Er bleek niet gek veel veranderd, behalve dat iedereen 19 jaar was opgeschoten. De laatste bewoners van de 6 grote herenhuizen, Maisons de Maître, waren overleden (behalve wij), die stonden dus leeg, behalve ons huis, waar ik op de stoep zit, dat was gekocht door een kleindochter van de laatste bewoonster (Suzanne Cisterne) van een van de grote huizen. Bij elk van de Maisons de Maître hoorde een boerderijtje met bijbehorend boerengezin, de horigen, zoals ik ze in mijn hoofd noemde. Daarvan zijn er nog 2 over, onze naaste buren broer en zus Francis en Sylvie, beiden ongehuwd en kinderloos, 58 en 60 jaar oud. Nog 2 jaar dan gaat Francis met pensioen en zal er niet meer geboerd worden in het dorpje. Moeder Jeannette was een paar jaar geleden overleden. Het weerzien met broer en zus was roerend, wij omhelsden elkaar alsof wij terugkwamen uit de oorlog.
Zij konden ons vertellen dat de Australische tandarts die ons huis had gekocht, niet lang nadat hij alles voor veel geld had laten verbouwen aan de binnenkant, het weer had doorverkocht. Op het internet hadden we al gezien dat hij het zeer luxueus had aangepakt en het huis voor over de duizend euro per week wilde verhuren aan toeristen. Daar was volgens de buren niets van terecht gekomen, zij hadden nooit een huurder gezien.
De oude garde is weliswaar dood of verdwenen, maar gelukkig is er nieuw leven te bespeuren. Er wordt getimmerd en gezaagd, huisjes worden opgeknapt op een nette manier. Geen zwembaden.
Het huis is aan de buitenkant niet veranderd, onze verf zit er nog op, of tenminste dezelfde kleur. Maar mijn mooie tuin, mijn rozenallee, die zijn verdwenen
Het houthok is afgebroken. Jammer.
In Saint-Privat, het dorp waar de voorzieningen zijn, zagen we dat er ook niet veel veranderd was. We bezochten er de Spar, die vergroot was, de P.M.U. de bar waar je kon gokken op de paardenrennen en waar nog steeds een klont stamgasten de hele dag rond de bar hing. De quincaillerie (ijzerwarenwinkel) van Lajoinie, waar nu de zoon in stond en waar het nog steeds druk bezocht was, en Pierre en Annie van de oude Spar, waar ik 20 jaar geleden behoorlijk teut van de Pastis die Pierre almaar bijschonk bijna van de stijle trap kletterde, waar we boven genood werden. 87 jaar allebei. Dit keer thee met krakelingen. De trap leek minder stijl dan vroeger.
Het huis waar we de eerste 9 maanden woonden omdat er problemen waren met de aankoop van ons 'echte' huis.
En vrienden en verhalen. En nog meer vrienden en nog meer verhalen. En die is dood en die is terug en die is verdwenen en die is getrouwd en die is gescheiden..Tot het mij duizelde toen ik lag te herkouwen in bed en er niet van kon slapen...
Weer thuis. Ben drie dagen moe geweest van deze trip, maar het was meer dan de moeite waard!





Geen opmerkingen:
Een reactie posten